1

Latijnse naam: Numida meleagris Nederlandse naam: Helmparelhoen Land van herkomst: Oost-Afrika, de droge steppen van Zuid-Ethiopië en noordoost-Tanzania. Ten zuiden van de Sahara. Zijn biotoop bestaat uit warme, redelijke droge en open vlaktes met enkele bomen en struiken. Grootte: De grote varieert tussen de 53 en 58 cm. Gewicht: Ca 1.3 kg Leeftijd: tot 12 jaar Ringmaat: 15-16 mm.

Korte omschrijving: Het helmparelhoen is een loopvogel met een rond lichaam en een relatief kleine kop. Zijn naam heeft het helmparelhoen ten te danken aan de witte stippen op de veren, deze doen denken aan kleine parels. Daarnaast heeft hij op zijn kop een benige en blauwgekleurde knobbel die aan een helm doet denken.

Kleur man en vrouw: Kop en bovenste gedeelte van de hals zijn onbevederd. Op de kop verheft zich een stevig beenachtig weefsel dat een helm vormt. Aan beide zijden naast de snavelwortel hangt een lel naar beneden die aan de basis groenachtig blauwwit is en aan de punt fel rood. De kop is licht blauw/grijs, het gezicht is witachtig blauw, de keel is blauwgroen. Achter de kop staan een aantal borstelachtige haarveren. De snavel is roodachtig en de poten zijn donker grijs. Onder langs de hals en rond de krop zien we een roodachtige violette band. De rest van het verenkleed is grijs met witte parels.

Voliere: De volière dient steeds voor een deel overdekt te worden als bescherming teven regen en zon. Voorzie ook altijd enkele schuilplaatsen als vluchtgelegenheid of broedplaats voor de hennen. De bodem van uw volière moet ook steeds goed vochtdoorlatend zijn. Leg bij voorkeur een drainagesysteem aan. Meerdere koppels samen in een volière kan leiden tot verstoring van het broeden. Met een open voliere gras en hier en daar wat struiken zijn ze gauw tevreden.

Kweek: In het bovenstaande verblijf gaan de hennen ook gemakkelijk tot broeden over. Het broeden van eieren doet het helmparelhoen meestal in of net na het regenseizoen. De legsels zijn behoorlijk groot, want deze bestaan uit gemiddeld 20 tot 30 eieren. De hen legt haar eieren in een goed bedekte holte en daar broed ze de eieren in 26 tot 28 dagen uit. De kuikens hebben een goede schutkleur en hun vleugelt groeien zo snel dat ze na een week al kunnen fladderen om zich zo sneller te kunnen verstoppen. Meerdere hanen geeeft nogal eens onrust tijdens het broedseizoen. Na het broedseizoen geeft dit geen problemen.

Behuizing: Nachthok, met een buitenren. Bij MeerZoo worden ze als trio (1 haan en 2 hennen) gehouden in een voliere van ca 6×3 meter.

Temp/ Luchtvochtigheid: Winterhard, maar sommige individuen zijn vocht gevoelig.

Voeding: De helmparelhoen is een alleseter. Ze eten insekten, larven, wormen en vooral plantenzaden. Fazantenvoer wordt ook goed gegeten. Daarnaast groenvoer en levendeinsecten of meelwormen. In de winter moet men ze wat graan bijvoeren zoals tarwe, haver, gerst en gebroken maïs.